|

Fragment
uit Het land van de verbrande gezichten
Op een van mijn reizen kwam ik in Woldia. Ik besloot
om een wandeling te maken naar de Maryamkerk, een eind buiten het
stadje. De heenweg bergop was ongeveer zes kilometer. Halverwege
kwam ik een meisje tegen dat Netsannet heette. Haar naam betekent
‘vrijheid’. Gezien de blik in haar ogen zou ze geen
passender naam kunnen hebben. Ze had een blikje bij zich met daarin
een beetje stro en een paar eieren. Op mijn vraag wat ze met die
eieren ging doen, zei ze dat ze naar de markt in Woldia ging. Ik
vroeg haar waar ze woonde. Dat bleek dicht bij de Maryamkerk te
zijn. Ik was verbaasd. Ze liep twaalf kilometer
om twee eieren te verkopen! Haar optimisme en de levensvreugde die
ze uitstraalde, maakten indruk op me. Toen ik later de foto’s
die ik van Netsannet had gemaakt, afdrukte en weer zag hoe levensblij
ze was, begon ik me pas af te vragen waarom wij hier op aarde zijn
en of het jachtige leven dat wij westerlingen leiden, ons wel gelukkiger
maakt dan Ethiopiërs. Zo ben ik met andere ogen naar deze mensen
gaan kijken. Eerder al had het land me verrast door zijn schoonheid
en zijn vriendelijke mensen.
NEDERLANDSE LITERATUUR
ISBN 9789044512632
AANTAL BLZ. 144
PRIJS € 29,90
EERSTE DRUK 07 06 2008
UITVOERING Gebonden
|