Website Uitgeverij De Geus


   Over het boek

   Auteur

   Titels

   Het idee

   Fragment

   Lezersrecensies

   Nieuws

   Pers

  



            
Wat een fantastisch en verrassend debuut! Vanaf de eerste bladzijde word je het verhaal ingetrokken, leef je mee met alle personages en laat het verhaal je niet los totdat je de laatste woorden hebt bereikt (om daarna weer meteen terug te willen bladeren naar het begin...).

Martin Hendriksma verstaat de kunst van het vertellen van een verhaal. De boodschap in de roman is een aanklacht tegen het opofferen van het platteland aan mensen die het contact met zichzelf, met hun omgeving en met de natuur zijn kwijtgeraakt. Mensen die trachten dat contact terug te winnen door het platteland te exploiteren, en die te laat ontdekken dat ze daarmee hun doel vernietigen. Martin Hendriksma laat ons de schaduwkanten van een groeiende economie en oneindige ambitie zien. Dit doet hij door ons het verhaal te vertellen van de familie Barels. Met veel vaart voert Hendriksma je door een eeuw geschiedenis en laat hij je meeleven met de dromen en (des)illusies van een vader en zijn twee zonen, hun levens en liefdes. Daarbij weet Hendriksma de opkomst en ondergang van een worstfabrikant op het Drentse platteland zo spannend en meeslepend te beschrijven, dat er sprake is van een echte pageturner. Als je zo beeldend kunt schrijven verdien je een groot lezerspubliek. Ik wil dit boek aan iedereen aanraden; kruip in je favoriete stoel met je favoriete drankje en zorg dat je voorlopig niet gestoord wordt!

Deana de Zwart, Boxmeer


Martin Hendriksma heeft een zeer lezenswaardige en realistische roman over twee generaties worstfabrikanten beschreven. Het verhaal deed mij denken aan een berg: het vertelt hoe een Drentse worstindustrie door een vader, Harmen, vanaf de grond wordt opgebouwd, in die branche de top bereikt, en onder leiding van zijn twee zoons, Warmont en Vic, gaat het weer neerwaarts, totdat uiteindelijk de fabriek zelfs weer met de grond wordt gelijk gemaakt. Toeval of niet, op dezelfde plek waar de fabriek stond, verrijst later een toeristische berg, die, als je er goed over nadenkt, tegelijkertijd weer een ondergang (van het hele dorp) is.

Uit de gehele roman blijkt, dat Martin Hendriksma zich goed heeft ingelezen; hij weet waarover hij praat, waardoor het verhaal geloofwaardig wordt. Tevens verstaat hij de kunst van het schrijven: hij bouwt het verhaal rustig en gedegen op, laat zien dat de hoofdpersonen mensen van vlees en bloed zijn, gebruikt levendige taal en maakt het, van kaft tot kaft, spannend. Kortom: deze roman bevat alle ingrediënten voor vele uren leesplezier.

Toen ik dit boek uit had, had ik de behoefte om de proloog te herlezen en toen vielen opeens nog een aantal resterende puzzelstukjes opeens op hun plaats. Is het daarom op de één of andere wijze ook mogelijk om (een deel van) de proloog aan het eind terug te laten keren? Het is maar een suggestie.

Tot slot hoop ik, dat Familievlees, zowel voor de uitgever als voor de schrijver, een succes zal worden, want het is gewoon een goed boek. Tevens hoop ik, dat we in de toekomst vaker van Martin Hendriksma zullen horen, want schrijven kan hij; dat is nu wel zeker.

Fred Wolters, Leek



Wie een fan is van de roman ‘De nieuwe man’ van Thomas Rosenboom mag ‘Familievlees’ absoluut niet missen.
Op wervelende wijze schetst Martin Hendriksma ons een beeld van de opkomst en ondergang van het familiebedrijf Barels.
Beginnende bij de start van de vorige eeuw, met de strijd van Harmen Barels die zich tracht te onttrekken aan de armoede en ontberingen in de Drentse veenkoloniën.
Hij loopt van huis weg en belandt in Hindeloopen waar hij Maike ontmoet. Maar ook daar voelt hij zich een vreemde eend in de bijt en na een dramatische gebeurtenis besluit hij samen met Maike, met wie hij inmiddels getrouwd is, terug te keren naar Drenthe.
Hier belandt hij in de varkenshandel en Maike bevalt van een tweeling. Het zijn twee jongens, Warnout en Victor, waar hij stapelgek op is.
Al vroeg gaat zijn voorkeur uit naar Warmont, boven de introverte Victor, die daarentegen steeds in bescherming wordt genomen door zijn moeder. Het gaat het gezin voor de wind en Harmen neemt de varkenshouderij over. Hij bouwt zelfs een heel nieuwe fabriek.
Op indringende wijze beschrijft Hendriksma vervolgens hoe de voorkeur van Harmen voor Warmont, aan wie hij het bedrijf overdraagt buiten medeweten van Victor, leidt tot de ondergang van het bedrijf en de uiteindelijke teloorgang van het Drentse platteland.

Een heerlijk boek dat je niet mag missen. Ik heb er van genoten en kan het warm aanbevelen.

A.E. Broek, LELYSTAD


Het verhaal van ‘Familievlees’ speelt zich in drie gedeeltes af.
Het eerste gedeelte gaat over het leven van Harmen Barels, een schooljongen die op een dag besluit weg te lopen van huis om alles achter te laten en ergens anders een nieuw bestaan op te bouwen. Hij strandt in Friesland en wordt opgenomen in een gezin waar hij begint te werken als proeftimmerman. Hij wordt verliefd op de dochter van het gezin (Maike Lykels) trouwt met haar. Ze gaan zich in Drenthe vestigen en krijgen twee zoons. Herman Barels kan op een gegeven moment een Drents varkensbedrijf overnemen dat na de oorlog uitgroeit tot slagerij/slachthuis en uiteindelijk het veld moet ruimen voor de concurrentie.

Het tweede gedeelte gaat over het leven van de oudste zoon (Warmondt) van Harmen en Maike, en zijn ambities. Het verhaal verteld over zijn onbezorgde jeugd tot aan de overname van het varkensbedrijf.

Het derde gedeelte gaat over het leven van hun tweede zoon Victor. Vertellend vanaf het moment dat hij genoodzaakt is om de dagelijkse leiding van de fabriek dient over te nemen, tot aan het heden.
Victor is de tegenpool van zijn broer en heeft totaal andere ambities die hij door omstandigheden opzij moet zetten om het bedrijf voort te kunnen zetten.

Toen ik in het boek begon te lezen dacht ik een streekroman te lezen, maar dat gevoel verdwijnt al vrij snel. Vanaf het begin van het boek wil je weten hoe het leven van Herman Barels (en later zijn gezin) gaat verlopen. Daardoor wil je het in één adem uitlezen. Het is vlot en boeiend en zeer herkenbaar geschreven met hier en daar een spoor van corruptie, waardoor het verhaal een spannende karaktertrek krijgt.

Ik heb met veel plezier dit boek gelezen en deze recensie geschreven.

Coenraad de Kat, DEN HAAG


Harmen Barels stottert. Op school bracht hem dat al in vernederende situaties, maar later, toen hij in het veen werkte, werd hij door een opzichter voortdurend voor schut gezet.
Dit bepaalt zijn leven. Hij zal de mensen laten zien dat hij niet de eerste de beste is.
Hij wordt varkenshandelaar en levert varkens aan voor vleesproductie, maar bedenkt dat hij ook zelf een worstfabriek kan beginnen. Er moet keihard gewerkt worden, maar de zaken gaan goed. Harmens vrouw Maike wordt zwanger en er wordt een tweeling geboren.
Harmen raakt echter steeds meer in de ban van het geld. Er moet steeds verder uitgebreid worden. Zodoende worden Harmen en Maike welgestelde dorpsbewoners. De tweeling groeit op en werkt mee in het familiebedrijf.
Dan komt een concurrent om de hoek kijken, namelijk de Leverunie. Door corruptie wordt Barels’ vleesfabriek onderuitgehaald; één van de jongens wordt vermoord en de ander blijkt niet competent om de zaak door moeilijke tijden te loodsen. Alles wordt verkocht en van het geld wordt een berg aangelegd waarop dure huizen gebouwd worden. Dat het dorp daar niet blij mee is, is niet belangrijk.
Volgens de auteur is deze roman gebaseerd op de aanleg van de “Blauwe Stad” in Groningen. Hier is het geen berg, maar een meer, dat ooit ingepolderd land inneemt.
Het is een aardig verhaal, de karakters komen goed uit de verf, hoewel soms een beetje overtrokken. Sommige dingen komen wat merkwaardig over, zoals een “ratelende kar met melkbussen, met twee hengsten ervoor.” Geen boer die dat doet. Leuk gevonden is de naam van de concurrent, met een knipoog naar een bekende worstfabrikant. Of deze het zal waarderen om zo doortrapt neergezet te worden moet nog blijken..

Janneke van der Molen, KIEL-WINDEWEER.


Met vlotte pen vertelt Hendriksma de familiegeschiedenis van varkensboer Harmen Barels en zijn zoons, de tweeling Warmont en Victor.
Hoe Harmen als knecht opklimt tot directeur van een grote slachterij en hoe het bedrijf uiteindelijk teloorgaat in de handen van zijn zoons, de snelle playboy Warmont en later de serieuze Victor, wordt geloofwaardig en boeiend beschreven.
De geschiedenis van dit in eerste instantie succesvolle familiebedrijf wordt in de periodes 1902-1923, 1923-1963 en 1963-gisteren, vaardig beschreven: vanuit het perspectief van Harmen, Warmont en Victor. Uiteindelijk verwordt het bedrijf tot een berg van vervuild havenslib.
In het grotendeels chronologische verhaal is de proloog een vreemde eend in de bijt en doet wat gekunsteld aan. Bij herlezing wordt echter duidelijker waar dit fragment in de tijd moet worden geplaatst. Hendriksma, die met dit boek debuteert, geeft op de achterflap aan dat het Groninger project van de Blauwe stad een inspiratiebron was. Zijn boek moest een van ernst doortrokken parodie zijn op dit project. Helaas is Hendriksma daar niet volledig in geslaagd. Verhaallijnen kunnen beter worden afgewikkeld en het "satirische deel" komt niet voldoende uit de verf. Daarnaast gedragen de personages zich ongemotiveerd en te voorspelbaar: Warmont als een James Dean van het Noorden, Victor de kluizenaar die lijkt af te zien van het vleselijke. Het is meer een streekroman in de traditie van Kortooms; een soort Drentse Beekman en Beekman.
Met Hendriksma heeft uitgeverij De Geus overigens wel een rasechte verhalenverteller in de kuip. Het is zeker geen magere vertelling geworden en ondanks de magere randjes zou een literaire slager zeker zeggen: “Vet cool!”

Johan Hooge, OOSTERWOLDE


Harmen, geboren in een plaggenhut in Drenthe, maar als 17-jarige ontvlucht hij de armoe en uitzichtloosheid richting Hindeloopen. Hier wordt hij in een gezin opgenomen waar hij verliefd wordt op dochter Maike.
Met haar keert hij uiteindelijk terug naar Drenthe, waar hij zich opwerkt van varkensknecht tot varkensbaas. Uiteindelijk groeit hij uit tot een werkgever en weldoener voor het hele dorp, wat voor Harmen de genoegdoening is van zijn vroegere uitsluiting.
Heulen met de bezetters tijdens de tweede wereldoorlog wordt hem door de dorpsbewoners niet in dank afgenomen, maar deze periode wordt door de schrijver verder weinig uitgediept.
Het geluk van Harmen en Maike wordt uitgebreid met de komst van de tweeling Warmont en Victor. Uiterlijk elkaars evenbeeld, innerlijk bestaat er geen groter verschil.
Warmont neemt de slagerij over, maar ondervindt steeds meer last van Leverunie (de wat makkelijke verwijzing naar de grootmacht) uit Rotterdam. Een fataal ongeluk maakt een eind aan zijn leven. De schrijver geeft hier sterk de indruk dat het geen ongeluk was, maar een oplossing van een probleem voor de grootmacht uit Rotterdam. Hij laat een eventuele conclusie verder aan de lezer over.
Vader Harmen komt het ongeluk niet meer te boven, en zo wordt Victor noodgedwongen de nieuwe eigenaar van de fabriek.
Ondanks Viktors investeringen moet hij, na lafhartige chantage, het familiebedrijf aan Leverunie verkopen. Ook hier geeft de schrijver een goed beeld van meedogenloosheid en eigenbelang van een grootmacht weer. Voor Victor breekt dan een moeilijke tijd aan, uitgesloten door de verraadde dorpelingen.
Voor Leverunie zijn niet meer de werknemers van belang, enkel de cijfers. Het onvermijdelijke gevolg van de overname dient zich aan: de eerste ontslagen vallen en na verloop van tijd dreigt zelfs sluiting voor de slachterij.
Uiteindelijk krijgt Viktor via een gedeputeerde de kans om het bedrijf goedkoop terug te nemen en in attractiepark te veranderen.
Erkenning van zijn vader krijgt Viktor echter niet, Harmen komt de dood van Warmont immers nooit te boven.

Martin Hendriksma heeft op toegankelijke wijze, zonder overdrijvingen het menselijk aspect treffend weten te verwoorden. De personages komen hierdoor vanzelf tot leven. Ik heb met veel plezier het boek gelezen.

Frits Jongepier


Familievlees is een boek wat ik mensen wel aan kan raden te lezen. Het verhaal is op een prettige manier verteld en leest gemakkelijk weg, de zinnen zijn niet al te lang en niet ingewikkeld. Het verhaal is chronologisch verteld, op de proloog na. Hierin staat de toekomst beschreven, welke naarmate het boek vordert steeds duidelijker wordt.
Het boek omschrijft een familiegeschiedenis in de vorige eeuw in een dorp in Drenthe. Voor mensen die in Drenthe wonen is dit verhaal een feest van herkenning en voor de mensen in de Randstad een nieuwe wereld, waar ik als westerling maar al te graag op vakantie ga.
Het is zeker een verhaal voor iedereen die een broer of zus heeft (gehad) en/of ouders die wel eens overbezorgd kunnen zijn, maar ondanks al hun fouten heel veel van ons houden.
Verder gaat het boek over de hoge verwachtingen die ouders van hun kinderen hebben en die door de kinderen niet waargemaakt kunnen worden. Ofschoon zij het wel blijven proberen.
Hiernaast geeft het boek ons een kijkje in het reilen en zeilen van een Nederlandse fabriek. De tegenstellingen tussen de directeur enerzijds, en de werknemers op de werkvloer die werken binnen een moordende concurrentie in de vleesverwerkende industrie anderzijds worden heel mooi verteld.

Lisette Biemans, NIEUWEKERK AAN DEN IJSSEL


Familievlees is een verhaal over de opkomst en ondergang van een Drentse worstfabrikant. De ondergang van de vleesverwerker Barels in het denkbeeldige dorp Garssen vormt de opmaat voor het opwerpen van een kunstmatige berg in het Drentse land. Martin Hendriksma wil met zijn verhaal een commentaar leveren op de ‘verpretting’ van het platteland. Door de aanleg van de Groningse Blauwe Stad is hij gefascineerd, maar ook geërgerd geraakt. Als commentaar schreef hij het verhaal Familievlees.
Hendriksma loodst zijn lezer met een vlotte en aangename verteltrant door de geschiedenis van de familie Barels. Bijna letterlijk uit het Drentse veen getrokken, belandt de jonge Harmen Barels in Hindeloopen. Ver van de veenafgravingen groeit hij verder op aan de kust van Friesland. Hij trouwt met Maaike, het meisje dat ervoor zorgde dat hij bij haar familie werd opgenomen. Doordat haar initiatieven, komt Harmen uiteindelijk weer terug in Drente.
Vanaf dan gaat het verhaal over de vooruitgang met grote haast verder.
Er wordt een tweeling geboren, Harmen verovert de varkenshandel, begint een kleine slachterij, breidt uit en slaat internationaal de vleugels uit.
De tweeling groeit op. Ze hebben verschillende karakters, Warmont wordt de vlotte zakenman, terwijl Victor de erudiete beschouwer blijft.
Warmont Barels neemt de zakelijke leiding en de expansie van de vleesverwerkingsfabriek onder zijn hoede. Hij probeert de concurrentie met de ‘Leverunie uit Rotterdam’ het hoofd te bieden. Uiteindelijk wint ‘Rotterdam’.

In de proloog van ‘Familievlees’ zijn twee vliegtuigjes op weg naar de opening van de Barelsberg. Om de feestvreugde te verhogen zullen zij met roze en blauwe rook een grote letter B in het luchtruim gaan tekenen.
Na de laatste bladzijden van het verhaal van Hendriksma bekroop mij het gevoel dat ik één van die piloten was. In een klein toestelletje vloog ik, met hoge snelheid, over een landschap waarin zich een enerverend familieleven afspeelde. Vanuit het cockpitraampje zie je dat er mensen zijn en wat ze doen. Ook welke richting de hoofdpersonen uit het verhaal inslaan, is goed te zien. En door de hoge positie kun je zelfs een beetje achter de horizon van hun toekomst kijken.
Als het verhaal begint, lukt het Hendriksma om zijn hoofdpersonen ‘vlees en bloed’ te geven. De emoties van het kind Harmen, en later de in Hindeloopen opgroeiende Barels worden goed neergezet. Als de ontwikkeling van de varkenshandel en de groei van de vleesverwerkingsfabriek grootse vormen aanneemt, wordt de lezer door Hendriksma op afstand gezet. Je mag wel meekijken, maar voor echt meevoelen en meeleven is geen ruimte meer. Met zevenmijlslaarzen wordt door de geschiedenis van de worstfabriek gerend,maar er is niets meer te lezen over emotionele en zakelijke besognes die zich voordoen.

Ook na de dood van Warmont blijft Victor de buitenstaander die hij vanaf zijn geboorte is.
Na de ondergang van de fabriek neemt Victor het initiatief voor de ‘Barelsberg’.
Bij de opening haalt Viktor zijn vader op in het verzorgingstehuis, maar omdat ze in hun vliegtuigjes zitten, hebben ze geen weet van de emoties daar beneden. Ze kunnen niet weten, dat hun letter “B” boven de Barelsberg een andere lading krijgt.

Toen ik na de laatste bladzij het boek aan de kant legde, dacht ik even: “Familievlees, geen familiekroniek, geen streekroman, wél een vlot verhaal. Familievlees is eigenlijk vlees nog vis.”

Gerrit Ziermans


Met de roman Familievlees snijdt Martin Hendriksma een thema aan waarin verschillende bekende en minder bekende schrijvers hem voorgingen: de relatie tussen een vader en zijn zonen.
Verder is de aanleiding tot het schrijven van deze roman een interessant gegeven: Familievlees moet namelijk een waarschuwing zijn voor de verpretting van het platteland. Dit biedt voldoende uitgangspunten om te komen tot een boeiende, prikkelende, moderne roman die tot nadenken stemt.

De eerste indruk van het boek is goed. De proloog maakt nieuwsgierig en nodigt uit tot verder lezen. Helaas houdt Hendriksma deze stijl niet vast. Vanaf het eerste hoofdstuk kenmerkt het boek zich door een traagheid die pas aan het eind van het boek wordt doorbroken. Door het overvloedige gebruik van overbodige details krijgt het verhaal geen snelheid en sleept het zich naar een voorspelbare ontknoping.
Slechts zelden wordt de fantasie van de lezer geprikkeld. De wendingen in het verhaal zijn niet verrassend, maar men ziet ze van verre al aankomen. De lezer wordt niet in het verhaal getrokken, maar blijft een toeschouwer. Daarnaast lijkt het alsof de schrijver het uiteindelijke doel van deze roman uit het oog verloren is. Het doel was om een ‘van ernst doortrokken parodie’ op de Blauwe Stad bij Groningen te schrijven. De kunstmatige berg, die door de worstfabrikant wordt bedacht om het dorp nieuw leven in te blazen én om bij zijn vader in de gunst te komen, ontstaat eigenlijk als het al te laat is. Te laat om de relatie tussen vader en zoon te redden en te laat om de lezer nog te boeien. De echte gevolgen voor het dorp blijven onbeschreven en dat is wellicht het enige moment waarop de lezer de kans en de ruimte krijgt om zijn eigen conclusies te trekken.

Als lezer blijf ik toch achter met de vraag waarom de schrijver niet in staat geweest is om de stijl van de proloog vast te houden. Was hij er wel toe in staat maar heeft hij misschien bewust de traagheid in het verhaal gebracht? Was de trage schrijfstijl een manier om uitdrukking te geven aan het rustige, trage leven op het platteland? En daarmee heeft de schrijver toch één doel bereikt: dit boek zet aan tot denken.

Geertje Otten, UFFELTE


Familievlees, voor mij, vegetariër, een slechte keus, dacht ik, bladerend in het boek.
Maar de Verantwoording maakte me duidelijk dat het boek een historische achtergrond heeft. De geschiedenis van Drentse worstfabrikant leverde het idee voor de roman. Het woordje Smac, ik zie het blikje zó op tafel staan in mijn ouderlijk huis, deed de rest: ik ging lezen, en hoe!

Het drieluik, voorafgegaan door een proloog, geeft op spottende wijze de meeslepende geschiedenis van Harmen (1902-1923), Warmont (1924-1963), Victor (1963-gisteren). Alle drie jagen ze na wat het motto van Robbie Williams aangeeft: You can manufacture a miracle.
Hendriksma blijft 380 bladzijden boeien. Hij vertelt eigenlijk telkens iets te weinig. Je zou meer willen weten van sommige personages. Hierdoor krijgt het verhaal vaart, veel vaart. Hoewel je de afloop gaat vermoeden, blijft een teleurstelling: en hoe ging het verder?

De geschiedenis lijkt door de Verantwoording, waarin de schrijver zegt dat alles aan zijn fantasie ontsproten is en niets te maken heeft met de voormalige fabrieksleiding van Udema, wel een sleutelroman en doet daardoor denken aan een boek als Het Goud van de Peel (1909). Hierin geeft de nu vergeten Herman Maas met behulp van romanfiguren zijn visie op de turfwinning aan het einde van negentiende eeuw in Noord-Limburg en Oost-Brabant, waarbij alles ondergeschikt is aan dat ene doel: winst.

Wat er waar is van het verhaal over Drente, is eigenlijk onbelangrijk voor de lezer. Hendriksma houdt hem in zijn greep door zijn heldere verteltrant en het prachtige onderwerp, dat beslist niet alleen over menselijke drama's,varkens, geld en hebzucht gaat, maar bijvoorbeeld even doet denken van aan Peter Winnen zijn Van Santander naar Santander : (…) in kaarsrechte lijn tegen de bergwand op. Of zou de fietser winnen (…). De bijna twee steile kilometers naar de top, over de nog vrijwel kale flanken, waarin alleen wat snelgroeiende bodembedekkers waren gepoot, die de erosie moesten tegengaan.

Gerard Keijsers, KESSEL


Familievlees, het debuut van Martin Hendriksma (1966), is te omschrijven als de familiekroniek van de familie Barels. Het boek begint met een proloog, maar dat is eigenlijk een epiloog zodat u die op het eind nog een keer moet lezen om het verhaal goed af te ronden.

Ik was al een eind op weg in een boek van Baldacci toen ik Familievlees ontving; even kijken of het wat is. Ik was meteen zo gegrepen door het verhaal dat ik Baldacci heb weggelegd om mij volledig op dit debuut van Hendriksma te storten. Een fijne, doeltreffende, niet wollig maar lekkere vlotte schrijfstijl. Een beetje een sprookjesstijl a la Grimm of Andersen, een prachtig vertelde familiekroniek in de 20e eeuw. Het is een vrij dik boek van 380 pagina’s maar omdat het lekker leest ga je daar in een mum van tijd doorheen. Dit leuke boek lijkt mij dan ook ideaal voor de literatuurlijst van de middelbare school.
Ik weet niet of het opzet is, maar de auteur introduceert een aantal nieuwe woorden die in mijn Dikke van Dale niet voorkomen zoals hoel (soort fabrieksfluit), lietshuisje en jaks (p240). Wat is dat? Wellicht Friesche woorden zoals elders in het boek heit, mem, pake en beppe voorkomen.
Bovendien vraag ik mij af of de herhaaldelijk gebruikte term berin voor een vrouwtjesvarken kan in plaats van een zeug. We noemen een koe toch ook geen stierin?

Maar al met al een echte aanrader. Een Nederlandse verademing tussen de vele buitenlandse literatuur.
Overigens heeft het bijna een week geduurd voordat ik de rode en blauwe vlek op de kaft als varkenskoppen herkende…Achteraf snap ik niet dat ik daar overheen keek.

Jack Coenen, VENLO


Het verhaal gaat over Harmen Barels die het Drentse land ontvlucht en in Hindelopen zijn grote liefde Maike Lykes vindt. Het noodlot slaat toe, en Harmen wordt genoodzaakt zijn beroep als timmerman op te geven. Samen met Maike vertrekt hij naar Garssen waar Harmen een baan kan krijgen bij een varkensboer, Wiekens. Na een paar jaar voor Wiekens gewerkt te hebben neemt hij de boel over. Het verhaal beschrijft de groei van het bedrijf, met alle gevolgen van dien voor Harmen, zijn vrouw en tweeling Warmont en Victor in een periode die loopt van 1902 tot nu.

Waarom dit boek mij zo geboeid heeft weet ik eigenlijk niet, maar wegleggen kon ik moeilijk. Het is niet een boek wat ik zou gaan lezen nadat ik de achterkant van het boek gelezen heb, maar op een of andere manier bleef ik geboeid. Het is een prettig geschreven boek, het leest lekker.
Ook het ontwerp van de voorkant, met de twee varkenskoppen, vind ik mooi.
Ik vond het tijdsverloop erg wisselend, de ene keer werd een tijdsbestek van een paar weken omschreven, een andere keer was je een paar jaar verder, zodat ik het gevoel kreeg een heel stuk van het leven van de familie Barels te missen. Sommige periodes waren kort omschreven andere weer veel uitgebreider. Zo is het voor mij bijvoorbeeld niet duidelijk wat er nu precies van Dian, huishoudster en liefde van Victor, terecht is gekomen. En daar ben ik wel benieuwd naar, mijn fantasie is daardoor wel geprikkeld. De personen uit het boek zijn zo omschreven dat ik bij de meeste al zo voor me kon zien, met al hun trekjes, en er ook gevoelens voor de personages bij mij loskwamen. En die waren niet altijd positief…..
Het einde vond ik mooi in combinatie met de proloog.
Al met al zou ik het wel aanraden om te lezen, ik vond het om een voor mij nog steeds onduidelijk reden pakkend!

Martine Rouwenhorst, LOCHEM


Familievlees heeft een dubbele lading: het beschrijft de levensloop van twee generaties binnen één familie; het geeft ook de geschiedenis weer van een vleesverwerkingsbedrijf waarmee deze familie groot is geworden. Maar het verhaal is veel meer dan de geschiedenis van een worstfabrikant in Drenthe.
Het verhaal is vlot geschreven, met een heldere opbouw waarbij de lezer in spanning blijft tot het eind. Hendriksma weet met korte, heldere zinnen verschillende personages karakter te geven die persoonlijk en zakelijk met elkaar te maken krijgen. Het verhaal draait om de familie Barels; Harmen en zijn twee zonen Warmont en Victor. Een tweeling die uiterlijk als twee druppels water op elkaar lijken, maar die qua karakter sterk van elkaar verschillen. Onvermijdelijk is daardoor dat de Warmont vaders’ favoriet wordt. Dat leidt bij Victor tot een extreme geldingsdrang op het moment dat de kans zich aandient om zich tegenover zijn vader te kunnen bewijzen. Met fatale gevolgen.
Hendriksma weet de spanning goed op te bouwen en de lezer mee te slepen in de sociale en maatschappelijke verwikkelingen waar de familie in verzeild raakt. Het verhaal zit dicht op de huid van de hoofdpersonen. Door het boek op te splitsen in drie delen is het verhaal steeds vanuit een ander perspectief geschreven: respectievelijk vader Harmen, zoon Warmont en zoon Victor. Hendriksma plaatst elk van de personen herkenbaar in de tijd, van begin 1900 tot nu, waarbij ook de oorlog en de Molukse kwestie niet genegeerd worden.
Het verhaal eindigt met een megalomaan project, waar je als lezer tegen wil en dank in wordt meegenomen. Hendriksma schetst een beeld van wat er zich door toevallige persoonlijke belangen en contacten achter de schermen af kan spelen bij grote ontwikkelingsplannen. En laat de lezer enigszins vertwijfeld achter.
Met het verlangen naar een volgend boek van hem.

A. Padland


Een verhaal over mensen van vlees en bloed moest het worden, met als achtergrond de ultieme verplettering van het platteland, laat Martin Hendriksma weten op de achterflap van zijn debuutroman Familievlees.
De tweeling in ‘Familievlees’ geeft reden tot vergelijken met de bijbelse tweeling Esau en Jacob: Warmont was de oogappel van zijn vader en moeder Maike overlaadde de zwakkere jongste met haar genegenheid, ze liet hem zelfs dopen buiten medeweten van haar man om.
Familievlees vertelt de opkomst en de ondergang van een familiebedrijf. Hendriksma doet dat door de levens van de vader en de twee zonen afzonderlijk in drie op elkaar aansluitende delen te vertellen. Door een sober taalgebruik in combinatie met een bijna filmisch volgen van de hoofdpersonen wordt de lezer in het verhaal getrokken. De karakters worden overtuigend neergezet. Sommige bijfiguren wat karikaturaal, zoals de gedeputeerde en de Leveruniebaas. Ook de arbeiders van de fabriek worden vlak getekend. De schrijver is niet in hun huid gekropen. Hoe ze hun vak uitoefenen komt niet uit de verf. De namen van twee concurrerende firma’s zijn een verbastering van de namen van bestaande bedrijven, dat werkt storend, leuk in een parodie maar niet in een serieuze roman. Het verhaal van Dian, de huishoudster van Victor, is onbevredigend. Er worden vragen opgeworpen, maar geen antwoorden gegeven. Het blijft te veel gissen, in te veel richtingen. De grote kunst is, zonder het te zeggen of uit te leggen dat de lezer toch weet of een duidelijk vermoeden heeft wat er speelt.
De proloog van het boek loopt synchroon met de laatste bladzijde. Na al de gebeurtenissen die in dit vrij dikke boek passeerden kan ik me voorstellen dat de lezer dit voorspel, dat eigenlijk een naspel is, niet helemaal duidelijk meer voor ogen heeft. Dat is jammer, want die twee in tijd gelijk oplopende beschrijvingen geven samen een ontroerend beeld. Ik heb dat zelf pas ook later ontdekt toen ik voor deze recensie de proloog nog eens overlas.
De teloorgang van het milieu in Garssen en omgeving door de groei van de onderneming is subtiel in het boek verwerkt. De berg van duizend meter hoog in het platteland een prachtige vondst. Bovendien is de kunstheuvel opgebouwd met verontreinigde grond een metafoor van het bedrijf van de Barels, dat groot werd door list en bedrog. Je voelt dat het met die berg ook niet goed zal aflopen, al wordt er ook geen enkele hint in die richting gegeven.
De schrijver is er in geslaagd de schrijnende sfeer in de familie Barels levensecht neer te zetten. Hij heeft aanraakbare mensen van hen gemaakt. En een verhaal geschreven dat beklijft.
Met moeite kon ik het boek tijdens het lezen wegleggen, zo zat ik in het verhaal.
Een pageturner, deze debuutroman.

Ees de Winter, RIDDERKERK


In zijn debuutroman ‘Familievlees’ brengt Hendriksma twee verhalen samen. Hij vertelt het verhaal van een arme Drentse jongen die het tot worstfabrikant brengt, opkomst en ondergang van het bedrijf, met hieraan gekoppeld de ruimtelijke ontwikkeling van het Drentse platteland.
Hij is daarbij geïnspireerd door de ruimtelijke ontwikkeling zoals die in de provincie Groningen gestalte krijgt in de Blauwe stad, waarbij een deel van het Groningse platteland onder water wordt gezet ten behoeve van recreatie en wonen.
En dit is het zwakke punt van deze roman. De nieuwe bestemming die het terrein van de vleesfabriek krijgt is ongeloofwaardig en doet afbreuk aan het verhaal over de opkomst en ondergang van de fabriek. Het lijkt er op dat bewust is toegeschreven naar de ondergang van de fabriek om de koppeling te kunnen maken met de nieuwe ruimtelijke ontwikkeling.
Met een vlotte pen en soms boeiend beschrijft Hendriksma het verhaal over de Drentse jongen die zich ontworsteld aan zijn milieu en het tot fabrikant schopt, met uiteraard de nodige tegenslagen, maar gesteund door zijn vrouw die in hem blijft geloven. Het verhaal is min of meer voorspelbaar, inclusief de moeizame relatie van de vader met de beide zonen, en hierdoor komt het eigenlijk niet boven het niveau van een streekroman uit. Zonder de laatste 20 bladzijden met een ander slot zou het mijns inziens een evenwichtiger roman zijn.
Van het begin af aan moest ik bij het lezen denken aan de roman De Nieuwe Man van Thomas Roosenboom, over de opkomst en ondergang van een scheepswerf in Groningen. De kracht en de beklemming die van dat verhaal mist Familievlees echter ten enen male.

J. Oosterveld


Ik heb het boek met plezier gelezen, boeiend vanaf de eerste bladzijde. Reeds in de proloog werd mijn nieuwsgierigheid al gewekt .
Geschreven door de ogen van respectievelijk Harmen, Warmont en Victor valt het plot van de drie verschillende levensgeschiedenissen mooi in elkaar, terwijl door deze drie levens vrouw en moeder Maike uiteindelijk als degene rond wandelt waaruit iedereen kracht put.
De opbouw van het verhaal waarin Harmen de vleesverwerkingsfabriek in handen krijgt en waarin Warmont (die eigenlijk alleen maar geschikt is om een goede vertegenwoordiger te zijn) door zijn vader wordt aangewezen als zijn opvolger, is intrigerend.
Als een rode draad loopt de verhouding tussen de vader en zoons door het boek en wordt uitvoerig beschreven hoe deze verhouding hun levens beïnvloed. Een invloed die zelfs in verhouding tot de vrouwen die beide broers in hun leven tegenkomen terug te vinden is.

Huttner van der Graaf, DEVENTER


Ik heb dit boek met plezier gelezen.
Hoewel ik in het begin van het boek niet echt begreep waarom de hoofdpersoon (waarschijnlijk vanwege zijn spraakgebrek) wegtrok uit zijn geboortestreek, vond ik het vervolg van het verhaal op zich voorstelbaar en interessant.
De opkomst, de welvaart en de uiteindelijke teloorgang van het familieconcern zijn op een vlotte manier beschreven. Het gegeven dat in één familie zulke verschillende karakters samenwerken, samenleven met elkaar en zaken niet van elkaar weten, vond ik fascinerend.

Dat ook de dorpsgemeenschap uiterst verschillend reageert op de verschillende gebeurtenissen, is ook een gegeven dat me boeit in dit boek.
Al met al zou ik het boek een goede waardering van vier sterren toekennen.

Andries F. van der Meer, ALDTSJERK


Familievlees is een boek dat vlot en mooi is geschreven. Maar ook zeer beeldend; ik zie de varkens op mijn netvlies, evenals het gezin Barels.
De zorgelijke moeder met haar zorg voor het zwakste kind. Haar heimwee naar haar ouderlijk huis en naar de Friese Meren. De dromende vader met zijn grote plannen en zijn merkbare voorkeur voor de ondernemende, stoere zoon. Wat de Smac betreft, zou ik zo weer op pad gaan om die te proeven..
Op een onverwacht moment wordt het spannend, wanneer er zaken worden gedaan in het verre Amerika. Deze hebben een niet te verwachte afloop, waarop later in een brief wordt teruggekeken. Dit vond ik erg goed bedacht.

Treffend in dit verhaal vind ik dat er ook hier natuur wordt opgeofferd voor wat wij, mensen, mooi dan wel leuk zouden moeten vinden. Mooie duinen, bos en hei maken plaats voor, in dit geval, een pretpark. Zonder dat U en mij is gevraagd of we het echt zó zouden willen. Maar het komt er toch, of we het willen of niet.
Zo ook in het mooie en rustige Drenthe.

Een leuk detail is de afspraak in de buurt van het Baarns station. Zelfs hierin herken ik veel bekends, al is het maar omdat ik er woon.
Een zeer goed boek dus.

E(lize) Feitz, BAARN


Familievlees is een makkelijk geschreven boek, wat boeit van de eerste tot de laatste bladzijde.
Harmen Barels is de hoofdpersoon. Hij groeit begin vorige eeuw op in de veenkoloniën van Drenthe. Hij besluit dat hij niet, zoals z’n vader, zijn leven lang plaggen wil blijven steken en komt terecht in Friesland, waar hij trouwt en in dienst komt bij een varkenshandelaar.
Bij een dom ongeluk verliest hij 2½ vinger, wat hem een hoop zelfvertrouwen kost.
Door hard te werken en goed te handelen, zo nu en dan gebruik te maken van z’n handicap, en medelijden op te wekken, neemt hij de handel van z’n werkgever over.
Z’n vrouw werkt inmiddels ook en krijgt een tweeling, waarvan de eerstgeborene Warmont het lievelingetje van z’n vader is. Het tweede kindje Victor is een wat stiller ventje en hangt ook meer aan z’n moeder. Langzaam gaan de zaken beter, Harmen neemt het bedrijf en de woning over.
Na een noodlottig ongeval, waarbij Harmen sterft, is Viktor genoodzaakt de leiding van het bedrijf op zich te nemen. Maar door de concurrentie van de Leverunie moet Viktor het bedrijf te verkopen.
Na rijp beraad besluit Viktor het fabrieksterrein terug te kopen, waarna hij er een toeristische attractie van maakt. Maar of dat het nou is.
Ook het verhaal van de vriendin en zoon van Viktor wordt aangehaald, maar niet verder uitgediept.
Toch vond ik het een fijn, interessant boek om te lezen, wat mij betreft volgen er meerderen.
Mooie cover ook!

E.M. Houtman-Hofsteenge, SCHUDDEBEURS


De proloog zorgt voor een klein beetje verwarring, maar vanaf het eerste echte hoofdstuk wordt op gestructureerde en gevoelige wijze in het boek Familievlees de strijd van drie mannen in één familie neergezet. Hoewel het verhaal door de tijd blijft voortschrijden, volgt elk afzonderlijk deel één van de mannen in het bijzonder.
Het eerste deel, dat zich aan het begin van de vorige eeuw afspeelt, concentreert zich op de vader. Een wat teruggetrokken en vreemde man, die echter met visie (en een klein beetje geluk) een grootschalig bedrijf weet op te zetten.
Het tweede deel, dat loopt tot halverwege de vorige eeuw, richt zich voornamelijk op de meest carrièregerichte van de twee zoons. Een man naar zijn vaders hart, die zich echter gauw laat verblinden door de macht.
De zoon uit het derde deel van dit boek heeft daar allerminst behoefte aan en wordt na de dood van zijn broer tegen wil en dank directeur.
Het mooie is dat alles juist samenkomt in het derde deel, waarin blijkt dat de drie mannen weliswaar niet even machtslustig zijn, maar alle drie absoluut gedreven worden door een bepaalde visie. Hun verschillende karakters en levenservaringen zorgen echter voor een totaal wisselende invulling daarvan. Hierdoor ontstaat een boeiende karakterschets van een familie, zoals die voor velen herkenbaar zal zijn. Zekerheden en onzekerheden van de personages worden goed ingevuld door een mooi beschreven geschiedenis en zorgen ervoor dat je als lezer echt betrokken raakt bij het verhaal en de mensen die er hun rol in spelen.
Zo warrig als het boek begint, eindigt het helaas ook. Ik kan me voorstellen dat het moeilijk is om er een mooi pakkend einde van te maken, aangezien dit verhaal bij uitstek gaat over de reis van de personages en niet over hun eindbestemming. Geen van hen kan deze namelijk echt bereiken. Het abrupte einde zou daar een schets van kunnen zijn, maar het is wel iets te gemakkelijk bedacht. Waar de eerste twee delen eindigen met een fantastische climax, komt het einde van het laatste deel helaas niet helemaal uit de verf.
Wat rest is een bijzonder mooie karakterschets van het leven van een familie in de twintigste eeuw en de drang om in het leven iets te kunnen betekenen. Een worstfabrikant lijkt nou niet het meest spannende onderwerp voor een boek, maar de schrijver maakt het werkelijk een leesfeest.

Gerben Pelgröm, EPE


De voorkant van het boek boeide mij al; eerst dacht ik twee theedoeken slordig op een hoopje te zien liggen, maar toen ik beter keek zag ik dat het twee varkens waren.
Het eerste deel van het boek beschrijft de strijd van de hoofdpersoon Harmen die hij voert met zichzelf. Zijn gewonnen zelfvertrouwen, met steun van zijn vriendin Maike, is goed beschreven. Soms dacht ik dat het deel beter ‘Maike en Harmen’ had kunnen heten in plaats van ‘Harmen’.
De andere delen, over de broers Warmont en Victor, worden net als de rest van het boek met veel vaart en humor zeer beeldend beschreven. Vooral de beschrijvingen toen de jongens klein waren vond ik erg leuk. De beschrijvingen van de karakters van de broers die twee tegenpolen zijn, die hun leven laten leiden door wat hun vader wil vond ik zeer boeiend.
In het eerste deel van het boek maak je uitgebreid kennis met de hoofdpersonen, maar dat hier later maar weinig op ingegaan werd vond ik erg jammer. Maar als dit wel was gedaan was de kans op langdradigheid zeer groot geweest, en dat is nu zeker niet het geval.
Het einde van het boek blijft wat mij betreft open en dat vind ik niet echt prettig.
Tenzij de schrijver dit bewust heeft gedaan, en de teloorgang van het dorp later, in een ander boek, nog zou willen uitdiepen. Want het lezen van dit boek heeft mij zeer zeker een aantal fijne uren lezen opgeleverd.
Het is boeiend, prachtig, en dus aan te bevelen!
Ik weet niet hoeveel boeken Martin Hendriksma al geschreven heeft? Maar wat mij betreft mag hij doorgaan.

Tineke Loos, ROELOFARENDSVEEN


Vanaf het begin boeit dit boek. Heel prettig is dat de personages duidelijk zijn.
Het verhaal begint in Drenthe en gaat over een stotterende jongen die veel geplaagd wordt. Hij loopt weg van huis en komt in Friesland bij een gezin terecht, waar hij goed wordt opgevangen. Hij krijgt werk bij een vleesfabriek, is slim genoeg en trouwt met de dochter van het gezin. Hij is heel gelukkig als er een tweeling, twee zonen, geboren worden. Vervolgens neemt hij de vleesfabriek over en de zaken gaan goed. Hij kan uitbreiden, zijn oudste zoon komt hem helpen, en wordt een goede zakenman. De vader trekt zich i.v.m. ouderdom terug. Wanneer deze oudste zoon een eigen leven gaat leiden geheel verongelukt hij. Het bedrijf heeft geen leiding meer en de jongste zoon volgt zijn broer noodgedwongen op. Een vijandige overname maakt dat hij zich de woede van het personeel op de hals haalt, waarna hij vlucht, zoals zijn vader ook eens gedaan heeft.

Al met al een aanrader…

Grietje de Boer-Kikkert, ZUIDWOLDE



De eerste hoofdstukken van het boek deden me erg denken aan de roman “Knielen op een bed violen“ van Jan Siebelink. Na hoofdstuk 5 veranderde dat echter, dit boek leest veel gemakkelijker en heeft niet de extreem kerkelijke sfeer als het boek van Siebelink. In dit boek is de kerk slechts gebruikt om de verstikkende situatie van Harmen kracht bij te zetten.
Familievlees leest zoals al gezegd makkelijk weg. Martin Hendriksma heeft een vlotte verteltrant en hij weet je erg te boeien.
De vrouwelijke personages worden summier weergegeven en hun karakters komen helaas niet helemaal naar voren.
Martin Hendriksma is een echte Fries en zijn beschrijving van dit gedeelte van Nederland zet hij treffend neer.
Het slot, de sluiting van de fabriek, de afbraak en de nieuwe berg doet mij denken aan het dumpen van kerncentraleafval tussen Enschede en Ahaus in Duitsland.
In Ahaus hebben zij er een chique golfbaan en een zwembad voor de andere doelgroep aan overgehouden, want de Duitse Overheid betaalde er goed voor.
Waar hij zich ook verder tegen af heeft willen zetten, het boek is geslaagd.
Martin Hendriksma heeft als redacteur bewezen dat romans schrijven ook tot zijn mogelijkheden behoort.
Het verhaal verveelde mij nooit, was niet moeilijk te begrijpen en nodigde uit om het tot het eind snel uit te lezen.

Magda Kleinhout, HAAKSBERGEN


Familievlees is een familieboek; wat begint als een tienerverhaal groeit uit tot een echt stevig familierelaas. Het gaat over een heel herkenbaar leven, een leven dat je zelf kan meemaken.
Een nietsnut start met het kopen en verkopen van varken; hij stopt zijn hart en ziel in zijn bedrijf, kent tegenslag maar ook geluk en met de medewerking van zijn oudste zoon wordt zijn bedrijf groot. Door de onkunde van de jongste zoon gaat het familiebedrijf op de fles.
Het verhaal op zich stoot mij, als vegetariër, enigszins tegen de borst, maar dit terzijde.

Het boek wordt mooi opgebouwd, vlot geschreven, je weet als lezer hoe het verhaal zal aflopen (dit staat op de kaft van het boek) en toch zit er spanning in het boek. Eens begonnen aan het boek, leest het als een trein, met uitzondering van sommige Noord-Nederlandse woorden die soms gebruikt worden en waar ik als Nederlandssprekende Belg soms moeite mee had.

Na het lezen van de roman Familievlees, wil ik anderen ook warm maken om dit boek te lezen.
Het is een mooi boek.

Ive Vanachter


Voordat ik aan dit boek begon vroeg ik mij af of een verhaal over een worstfabrikant mij tot het eind van het verhaal zou boeien. Dat bleek zeker het geval.
Het boek bestaat uit drie delen. Het verhaal wordt verteld vanuit het perspectief van Harmen en Maike, zoon Warmond en zoon Victor. Aardig is dat het perspectief wisselt maar het verhaal doorgaat vanaf het moment dat het overgenomen wordt. De tijdslijn blijft intact.

Het eerste deel, geschreven vanuit Harmen, vond ik het leukst om te lezen. Het tweede deel gaat over Warmond, en omdat in het begin van het boek al duidelijk is dat deze vroeg sterft, vraag je je als lezer sterk af wat er met hem gaat gebeuren. Jammer dat er op zijn het verhaal achter zijn niet erkende kind niet dieper wordt ingegaan. Dat vond ik een gemiste kans. Verder vond ik het niet plausibel dat de ‘foute houding’ van Harmen in de oorlog na zijn pensionering niet afstraalt op het bedrijf.

In deel drie gaat het perspectief over naar Victor. Victor blijkt een saaie man met een fascinatie voor cijfers en boeken. Hij begrijpt weinig tot niets van mensen, en is, ondanks zijn goede bedoelingen, duidelijk ongeschikt om de fabriek goed te leiden. Hiermee wordt de keuze van Harmen voor Warmond overigens bevestigd.
De ongeschiktheid van Victor en zijn onbegrip voor de drijfveren van zijn vader en broer wordt alleen maar duidelijker als hij een nieuwe bestemming voor de fabriek bedenkt; namelijk een berg in Drenthe. Dat een berg, opgebouwd uit gif, de familienaam op een positieve manier voorgoed op de kaart gaat zetten kan alleen Victor bedenken.

Aardig is dat het boek eindigt zoals het begonnen is. Ik bleef echter zitten met vragen. Daarom heb ik nadat ik het boek uitgelezen had de proloog herlezen. En nog heb ik het gevoel dat ik losse eindjes over houd.

Liane Baltus, GOUDA


Het boek is opgedeeld in twee tijdperken, het eerste deel beslaat de jaren 1902 tot 1923.
Dit vind ik een prachtig boeiend en beeldend begin van het boek
Het karakter van de hoofdpersoon Harmen wordt geloofwaardig neergezet, en zijn vlucht uit het ouderlijk huis, met alle bijbehorende gevolgen eveneens.
In Friesland vindt hij zijn geliefde Maike, wie zijn tegenpool in karakter is. Samen trekken ze terug naar Drente.
Hier krijgen ze een tweeling, die vanaf 1924 een grote rol gaat spelen in het boek.
De zonen Warmont en Victor verschillen van karakter als dag en nacht.
De familie klimt steeds hoger op de maatschappelijke ladder, en hier begint het boek voor mij killer en minder boeiend te worden.
De plot kan daar helaas niets aan afdoen. Zij is al verwerkt voorin het boek, dus de spanning is weg.
Al met al een boeiend boek, dat je meeneemt in de tijd.

Ellen ten Hooven


Opgegroeid in “een worstfabriek” stad, hoewel niet in Drenthe, moest ik dit boek wel lezen.
In eerste instantie dacht ik aan een echte, ouderwetse streekroman, maar schijn bedriegt. Dit is een roman waar je als in een sneltrein doorheen dendert, om uiteindelijk bij het eindpunt ademloos tot stilstand te komen.

Familievlees beschrijft het verhaal van de Drentenaar Harmen en zijn tweelingzonen Warmont en Victor, in de jaren 1902 tot en met “gisteren”.
De auteur heeft ervoor gekozen om “zijn verhaal” in drie delen te vertellen, een goede keuze.
Onmiddellijk zit je als lezer in het verhaal, leef je mee met Harmen, zijn jonge, Friese vrouw en hun tweelingzonen. De karakters van de diverse personen worden zeer goed uitgediept. De overgangen van de delen verlopen soepel en nodigen je uit om het verhaal in een keer uit te lezen.
Prachtig verwoord is de rivaliteit die er heerst tussen de vader en zijn twee zonen: Warmont die Harmen enorm genegen is, Victor die hij maar slap en eenzelvig vindt.
Op subtiele wijze lees je het een en ander tussen de regels door: De corruptie van de grote industrieën, de machtspositie van de Randstand, en niet te vergeten, de Politiek in zijn algemeenheid.

Martin Hendriksma is er in geslaagd om een prachtige roman te schrijven in een uiterst aantrekkelijke, boeiende schrijfstijl.
Een zeer goed debuut!

Irene Blok-Sanders, HELMOND


Familievlees is een boeiend boek, waarin de verschillende kanten van de menselijke geest schril naast elkaar worden gezet.
Het verhaal wordt verteld vanuit verschillende perspectieven: eerst dat van Harmen, vervolgens dat van Warmont en tenslotte dat van Victor. In alle gevallen kampt de lezer met verschillende gevoelens jegens de hoofdpersoon; hoewel hij een beetje raar is, wekt hij je sympathie op en voel je met hem mee.
De lezer heeft een dubbelrol, van een afstand kijkend naar de loop van de gebeurtenissen als een objectieve derde, maar tegelijkertijd voel je je onderdeel van de verwikkelingen. Je staat versteld van wat het personage doet of beslist, maar realiseert ook dat hij niet anders kan.
Het onbegrip enerzijds en de compassie met zijn logica anderzijds, zet je ook aan het denken over wat jij zou doen in zo’n situatie.
Je kan dan ook niets anders dan doorlezen, je wil weten hoe het verhaal verder gaat en hoe de personages omgaan met de dingen die ze tegenkomen. De sterke en zwakke kanten binnen de personages zijn zo uitgewerkt dat ze erg herkenbaar zijn, elk moment zou je één van heb kunnen tegenkomen op straat. Dit ondanks de lange tijdspanne van het verhaal.
Martin Hendriksma heeft begrepen hoe menselijk mensen kunnen zijn!

Natalie Peeters


Het debuut van Martin Hendriksma, “Familievlees”, trekt de lezer met veel kracht het verhaal in.
De roman speelt zich af aan het begin van de 20e eeuw en geeft een goed beeld van de destijds nog bijna onafhankelijk van elkaar functionerende provincies Groningen, Friesland en Drenthe. Waar men in Friesland met zijn havens veel overzeese contacten had en zodoende openstond voor andere culturen en gewoontes, leefde men in beide andere provincies veel meer in besloten gemeenschappen waardoor men niet veel contactuele eigenschappen ontwikkelde.
Op basis van dit gegeven is het huwelijk van de in Drenthe geboren Harmen met de Friese Maaike reeds een verbintenis met fricties. Daar komt nog bij dat de stugge, stotterende Harmen op jonge leeftijd zijn rechterhand verminkt, hetgeen ertoe bijdraagt dat hij zich met een enorme verbetenheid probeert waar te maken. Het jonge paar vestigt zich in Drenthe, waar Harmen zich gestaag opwerkt in een varkensboerderij. Na enkele jaren mag hij zich de eigenaar noemen van een grote, door hem opgerichte varkensslachterij. Het gaat hem en zijn gezin voor de wind.
Maaike en Harmen hebben een tweeling gekregen, waarvan beide jongens qua karakter veel verschillen. Warmont, levensgenieter en avonturier, krijgt van zijn vader de leiding over de fabriek. Victor, filosoof en sociaal nogal onhandig, is de boekhouder van het familiebedrijf.
Tijdens een zakenreis verongelukt Warmont en daardoor komt Victor ongewild aan het hoofd van het bedrijf te staan.
Dit roept veel vragen op, die het boek intrigerend maken.

Maria van der Maarel


Martin Hendriksma kán een verhaal vertellen. Ik heb tenminste zijn boek Familievlees bijna in één ruk uitgelezen. Of hij daarmee ook een schrijver is, valt nog te bezien. Daarvoor mag je toch verwachten dat een boek meer bij je achterlaat dan de gedachte: een leuk boek.
Van een schrijver verwacht je dat hij je aan het denken zet, of dat zijn boek je beroert.
Martin Hendriksma heeft mij in zoverre aan het denken gezet dat ik na het lezen dacht: ik kan me niet voorstellen dat het toen zo was. Geen gedachten over de personen en hun beweegredenen, meer een verwondering over de technische inhoud.
De karakters in het boek blijven vlak. Van Harmen weten we eigenlijk niet veel meer dan dat hij stottert en daarmee gepest wordt. Dat is ook de reden dat hij wegloopt van huis. Over zijn verdere innerlijke roerselen komen we niet veel te weten.
Hetzelfde geldt voor Maike en Warmont. Victor krijgt wat meer diepgang, maar ook hier blijven zijn overpeinzingen aan de oppervlakte. Het lijkt meer op een weergave van wat Victor heeft opgestoken van de door hem gelezen filosofen en andere schrijvers dan dat deze gedachten ons echt inzicht geven in wat hem beweegt.
Op mij kwam het tamelijk gekunsteld over. Er was in ieder geval geen enkele gedachte of overweging die mij aan het denken zette.

Het eerste deel, verteld vanuit Harmen, speelt in het Drenthe van de eerste twintig jaren van de twintigste eeuw. Ik kan mij niet voorstellen dat er in die tijd in het Friese Hindeloopen een ouderpaar was dat de vrijer van hun dochter met haar onder één dak lieten slapen.
Andere onwaarschijnlijkheid is dat er in Drenthe iemand rondliep die een vrouwtjesvarken een berin noemt.
Het boek bevat verwijzingen die de lezer tot conclusies moet leiden, echter zijn dergelijke raadseltjes eerder vervelend dan dat ze iets aan de inhoud toevoegen.

Afsluitend: een leesboek dat je wilt uitlezen, maar geen literaire voltreffer.

Irene Roseboom-Ensink, UITHOORN


Het boek begint met een proloog, en vertelt het verhaal over een gezin, bestaande uit vader, moeder en hun tweelingzonen, dat ten onder gaat aan de onderlinge rivaliteit tussen de vader en zijn beide zonen en de beide broers onderling.
Het noodlot slaat voortdurend toe.
Opgebouwd uit drie delen komt het boek in het eerste deel wat traag op gang, maar wanneer je doorleest wordt dit zeker beloond.
Het zijn bijna 3 afzonderlijke verhalen met weinig dialogen tussen de personages onderling.
Je komt als lezer te wonen in de hoofden en gedachten van de hoofdpersonen.
Ondanks alle tegenslagen en treurigheid geeft het derde, en laatste, deel een min of meer positieve wending. Dit komt omdat Victor in dit deel uit de schaduw van zijn broer tevoorschijn kruipt.

Het boek is in eenvoudige taal geschreven en is daardoor een toegankelijk boek.

Nel van Ratingen, UTRECHT



Dit boek is een aanrader om te lezen.
Het verhaal pakt je direct. Hierdoor wil je verder lezen, want het laat je niet meer los.
De schrijfstijl zorgt ervoor dat je niet alleen mee leeft, maar zeker ook mee voelt met de belevenissen van de vader, moeder en de twee zonen.
Het verhaal begint in 1902 en geeft je de ervaring van hoe het geweest moet zijn voor een jonge jongen om te werken op het land.
Met de juiste woorden worden huiselijke situaties zo beschreven dat je het idee hebt dat je er zelf bij aanwezig bent.
De titel Familievlees doet recht aan het verhaal; enerzijds verwerkt het familiebedrijf vlees, en anderzijds laten de onderlingen contacten en karakters de hechtheid van vlees en bloed in deze familie zien.
De schrijver geeft een goed beeld van de twintigste eeuw. Armoede, oorlog, opkomst en neergang worden treffend weergegeven.
Het is bijna niet te geloven dat dit een debuut is.
Ik kan nu al uitkijken naar een volgend boek geschreven door Martin Hendriksma.

Joke van der Horst-Kruiderink, FRANEKER

Met veel genoegen heb ik het boek Familievlees van Martin Hendriksma gelezen.
De sfeer van het leven in het begin van de twintigste eeuw wordt prachtig beschreven, hoe mensen zich met weinig luxe en onder invloed van geloof en hoop, staande weten te houden in de maatschappij.
Het boek draait vooral om de opkomst en ondergang van een vleesverwerkingsbedrijf, maar tussen de regels door lees je over de soms trieste levens van verschillende mensen.
Dit sprak mij erg aan.
Ik vond het dan ook zeer boeiend om te lezen hoe mensen vanuit niets een boeiend bedrijf op kunnen bouwen, en hoe dat vervolgens door toedoen van weinig ervaring en kennis ook weer ten onder kan gaan.
Intrigerend hoe twee broers beiden een zeer apart leven leiden als ongetrouwde mannen en dus niet geleerd hebben om een enigszins sociaal leven te leiden.
Al met al een aanrader.

T.J. Leenstra, NIJLAND


Op de kaft van ‘Familievlees’ vertelt auteur Martin Hendriksma dat hij met zijn boek zijn ergernis over en fascinatie voor de Groningse Blauwe Stad wil verwoorden. Zijn versie speelt zich af in Drenthe waar de Garssense berg ‘gebouwd’ wordt. Maar, zoals hij zelf zegt: ‘Daar moest een verhaal aan voorafgaan.’ Dat is gelukt, er gáát een verhaal vooraf aan de verrijzenis van de kunstmatige berg. Maar het is wel een erg láng verhaal.
Hendriksma heeft niet zomaar een verhaal geschreven om bij zijn doel te komen, het is een slepende familiegeschiedenis geworden. Sommige details en gebeurtenissen zijn uitvoerig beschreven en brengen een gevoel van herkenning boven.
Het overgrote deel is helaas minder interessant. Woorden, zinnen en alinea’s volgen elkaar op, maar van de inhoud is weinig boeiend.
In zijn boek wil Hendriksma meer vertellen dan in driehonderdtachtig bladzijden te vertellen is. Beter was het geweest om bij de kern te blijven of om, als alles dan tóch beschreven moet worden, twee boeken te schrijven.
Het idee van ‘Familievlees’ is goed, de uitvoering minder. Zo pittig als het vlees is waarover verteld wordt, zo flauw is de smaak die na het lezen achterblijft.

Berber Bouma, KAMPEN


Familievlees is een vlot geschreven boek met een interessant verhaal. Het thema is de opkomst en ondergang van een familiebedrijf in Drenthe. Hieromheen is een mooi verhaal geweven dat zich uitstrekt over verschillende generaties, dorpen, personen. Centraal in het verhaal staat familie, vandaar het ene deel van de titel, en vlees. Ergo het tweede deel.
Wat goed is aan Familievlees is het feit dat het erg vlot is geschreven. Dat wil zeggen: het lezen gaat niet vervelen. Je wilt het liefste doorlezen.
Het boek zakt niet in, de gebeurtenissen blijven elkaar in hoog tempo opvolgen. Sommige gebeurtenissen worden niet eens beschreven. Bij andere gebeurtenissen lijkt het alsof ze niet beschreven worden. Dat kan gevaarlijk zijn, omdat je de draad kwijt kunt raken of geen binding met het verhaal krijgt. Gelukkig is dat hier niet het geval. Ondanks de vaart blijf je wel betrokken en geïnteresseerd.
Vaak slaan we een stuk in tijd over. Dan komen we erachter dat de hoofdpersoon van de ene op de andere dag, zo lijkt het, toch wel erg grijs is geworden. Dit houdt het verhaal dynamisch en het houdt je als lezer alert.
Daarnaast is het verhaal simpelweg leuk om te lezen. Je wilt weten hoe het de familie zal vergaan en je leeft mee. In je achterhoofd weet je dat het fout zal gaan met de familie Barels. En stiekem wil je ook weten waarom, en hoe. Het verhaal is als een film, je ziet het allemaal voor je.
Wat ik minder vond aan het boek, is dat het taalgebruik soms te modern is voor de tijd. Het verhaal begint namelijk, afgezien van de proloog, in het begin van de 20e eeuw.
Daarnaast zijn er in sommige hoofdstukken zinsconstructies of bepaalde woorden die een paar keer terugkomen. Dat is jammer, want daar ga je op letten en dat leidt af van het verhaal.
Wat wel erg goed werkt is het gebruik van Drentse of Friese woorden. Dit gebruik wordt vaak consequent doorgevoerd. Daardoor doen de woorden als hoentsjes (hondjes) vertrouwd aan. En ze zijn te begrijpen, ook voor iemand uit het zuiden van Nederland, zoals ik.
Al met al is Familievlees een goed boek. Goed geschreven, goed verhaal. En leuk om te lezen, voor alle leeftijden. Voor scholieren lijkt het mij uitermate geschikt om te lezen. Als ze tenminste durven te beginnen aan een boek van bijna 400 pagina’s. Maar wel een juweeltje van bijna 400 pagina’s.

Patrick van Berlo, DEURNE


De tekst op de achterzijde vermeldt dat het boek gaat over een worstfabriek; in combinatie met de titel Familievlees doet dat een beetje luguber aan: wat gaat er allemaal in die worst, vraag je je af.
Gelukkig gaat het boek niet alleen over vlees, maar vooral over familie. De lezer wordt door de twintigste eeuw heen meegenomen, de belevenissen volgend van een familie in het noorden des lands.
Vooral het eerste deel ziet er op het eerste gezicht uit als een streekroman, compleet met de overpeinzingen van een Friese jongedeerne over Harmen, de Drentse knecht op wie ze verliefd is. Dat streekroman-achtige mag wat oubollig lijken, het zorgt er wel voor dat je makkelijk doorleest.
En dat is maar goed ook, want het boek ontwikkelt zich gaandeweg. Net zoals de maatschappij zich in de loop van de twintigste eeuw ontwikkelde, van het overzichtelijke maar moeizame boerenbestaan naar een gecompliceerde industriële samenleving. Dit boek belicht de ontwikkeling van mensen in een veranderende maatschappij. We zien de dienstbode trouwen en uiteindelijk directeursvrouw worden. We zien de knecht zich opwerken tot succesvol handelaar, die zelfs zijn handicap slim tot zijn voordeel weet uit te buiten als het nodig is, en vervolgens tot fabrieksdirecteur. De zonen doen het nog beter, zij weten de voordelen van de vooruitgang te benutten en profiteren van de almaar groeiende welvaart. Totdat ze ten ondergaan aan de vooruitgang, de een letterlijk, de ander figuurlijk.
De beschrijvingen van de verschillende personages in het boek zijn erg raak, soms bijna karikaturaal, waardoor de lezer een duidelijk beeld krijgt van de situaties waarin ze zich bevinden. De zoon van een turfsteker die droomt van de wijde wereld, de moeder en huisvrouw die haar gezin probeert de beredderen, de rijk geworden Drentse dorpsjongen die het er in de grote stad eens lekker van neemt, zijn teruggetrokken tweelingbroer die de boekhouding doet en bij zijn ouders thuis op de zolderverdieping woont, de omhooggevallen vleesfabrikant met randstedelijke allures, zelfs de groots denkende scrupuleuze Amerikaan, maar ook de Molukse schoonmaakster met kind komen aan bod. Hilarisch en herkenbaar is de gedeputeerde met een dubbele agenda, die met zijn ambtenaren lekker grote plannen maakt op risico van de ondernemer en ten koste van de dorpsbewoners.
Martin Hendriksma weet op onderhoudende wijze allerlei sociale thema’s te verwerken in zijn roman. Hij schuwt de maatschappijkritiek niet, maar weet die wel knap te verpakken door personen van vlees en bloed aan het woord te laten en situaties bijna voor zichzelf te laten spreken. Familievlees leest vlot, is onderhoudend en weet de lezer te confronteren met allerlei aspecten van de samenleving in de twintigste eeuw. We zien dat vroeger niet alles beter was, maar dat het nu ook niet alles is.

Roelien Kramer


In deze debuutroman wordt de lezer vanaf het begin meegevoerd door een boeiend en realistisch verhaal over de opkomst en ondergang van een Drentse worstfabrikant en zijn twee zonen.
De roman begint met een proloog (waarvan de betekenis pas goed duidelijk wordt na de gehele roman gelezen te hebben), waarna de roman is opgesplitst in drie delen. In deze delen volgen we de levens van vader Harmen en zijn tweelingzonen, Warmont en Victor. De personages worden op een levendige manier neergezet en uitgewerkt. We volgen hun strijd en overwinning, hoop en verdriet, macht en onmacht, succes en ongeluk. Hierdoor krijgen we een goed inzicht in hun zeer verschillende karakters.
Naast het inzicht in hun individuele karakters, volgen we ook de ontwikkeling van de worstfabriek (letterlijk van begin tot eind), door de jaren heen. We worden als lezers meegevoerd van het begin van de vorige eeuw naar de huidige tijd en doorlopen daarbij drie tijdsperioden: 1902-1923, 1924-1963 en 1963-gisteren. Ieder deel ademt treffend de sfeer van de desbetreffende tijdsperiode.
De roman schept een perfecte balans tussen details en algemene zaken. Overbodige zaken worden achterwege gelaten. Bovendien is het taalgebruik duidelijk en doeltreffend. Hierdoor ontstaat een prettige leesstijl, waardoor er een goede vaart in het verhaal zit.
Het moge duidelijk zijn dat deze roman het verdient om gelezen te worden en dat Martin Hendriksma het niet alleen bij dit debuut houdt!

Cecilia Broomans


De lijvige roman ‘Familievlees’ van de oorspronkelijk uit Friesland afkomstige auteur Martin Hendriksma heeft als ondertitel “de opkomst en ondergang van een worstfabrikant” meegekregen.
Na lezing van het boek vond ik dat deze vlag de lading niet helemaal dekt. Het is méér dan dat: het is een familiedrama, een variant op de vader-en-zoon(s)-roman. Misschien zou er beter kunnen staan: “de opkomst en ondergang van een familiebedrijf”, maar misschien was dat wat te veel ‘familie’ op het omslag.
In feite is de titel van het boek in al zijn dubbelzinnigheid juist gekozen, en kan de ondertitel in het geheel achterwege blijven.
Maar al met al kan Hendriksma met dit boek in het rijtje gezet worden van schrijvers als Herman de Man en Theun de Vries, als schrijver van een eigentijdse literaire streekroman.

Hans Gijsbers, PIJNACKER


Het verhaal begint als een streekroman: een arme jongen uit Drenthe wil de armoede ontvluchten en wordt uiteindelijk een geslaagd varkenshandelaar. Verder in het verhaal zie je, hoe zowel deze jongen als zijn oudste zoon het bedrijf uitbouwen, ten koste van anderen, waarna zijn jongste zoon het bedrijf afbreekt ten koste van de gemeenschap.
De hoofdpersonen zijn zeer menselijke figuren, die zowel met vreugde en voorspoed als tegenslag en verdriet te maken krijgen. Ze hebben allemaal het beste voor met hun omgeving, maar vooral met zichzelf en met het familiebedrijf. Om hun doelen te bereiken gaan ze dan ook ten koste van anderen te werk. Het koekje van eigen deeg dat ze uiteindelijk krijgen, treft niet alleen hen, maar ook de gemeenschap, zodat deze dubbel getroffen wordt.
Het is een levensecht, actueel en boeiend verhaal.

Marian Verstappen, HEIBLOEM


Martin Hendriksma levert met zijn debuutroman al onmiddellijk een lijvig werkstuk af. Bijna vierhonderd pagina’s schrijft hij bijeen om de lotgevallen van een ondernemersfamilie en de opkomst en ondergang van hun worstenfabriek uit de doeken te doen.
Het verhaal speelt zich volledig af in de twintigste eeuw, vanaf 1902 tot heden. En het is niet zomaar een roman, eigenlijk is het ook al meteen een trilogie, die de belevenissen van twee generaties van ondernemers vertelt.
Martin Hendriksma heeft een mooie intellectuele inspanning gedaan, om de saga van de levenscyclus van een familiebedrijf (de eerste generatie sticht het bedrijf, de tweede bouwt het uit en de derde verteert het) te koppelen aan een actueel milieuthema, waar geldgewin door grote vastgoedmakelaars ten koste van de levensruimte voor eenieder aan de kaak wordt gesteld.
Ik miste wat emoties in het verhaal. Zoals reeds vermeld zijn de materiële beschrijvingen en handelingen uitvoerig uitgewerkt, maar de auteur heeft blijkbaar een zeer grote schroom wanneer het gaat om emoties, liefdes, … weer te geven. Zo weten wij alleen terloops dat Warmont een liederlijke levenswandel had. En dat Victor een soort verhouding zou hebben met een Molukse vrouw. Maar wat betekende dat allemaal? Wat deden zij dan? Hoe beleefden zij dat? Het zou wat meer warmte in het boek brengen, mochten deze onderwerpen ook wat meer uitgewerkt zijn.
Nu draagt droevenis en grauwheid de boventoon in het boek.
Ondanks dat heb ik wel degelijk met veel genoegen en nieuwsgierigheid Familievlees gelezen. De scherpe analytische en geëngageerde geest van Martin Hendriksma kan zeker nog een nieuwe, verrassende plot bedenken voor een tweede roman.

Eddy Mertens, STABROEK, BELGIË


Martin Hendriksma schrijft het boek Familievlees, zoals hij zelf zegt, uit ergernis en fascinatie voor de Groningse Blauwe Stad.
Het is een boek geworden dat makkelijk te lezen is, makkelijk weg te leggen en weer op te pakken, maar ook in één adem uit te lezen. Boeiend en ongecompliceerd ondanks de complexe gedachten van de hoofdpersoon, die toch ook de nodige humor heeft en in zijn leven bol staat van koppigheid.
Hersenspinsels vormen een belangrijk deel dit boek. Ondanks de hersenspinsels, al dan niet uitgevoerd, blijft het goed leesbaar.
Liefde, moederliefde niet meegerekend, ontbreekt in dit boek. Er is alleen maar hunkering, veel hunkering.
Geld en manipulatie: het zal door blijven gaan, ook als het boek uit is, want het slot blijft open. Heerlijk voor de lezer om zelf te kunnen bepalen hoe het af zal lopen, al zal menigeen nog even terug gaan naar het begin, want het begin is het eind, en het eind is een nieuw begin..

Adriana Assink- Buijse, VRIES


Er zijn tweelingen en tweelingen. Neem de tweeling Hielke en Sietse Klinkhamer uit de Kameleon boeken. Kwajongens in hart en nieren, maar met een hart van goud. Heel lang lijkt de tweeling Victor en Warmont Barels, uit het boek ‘Familievlees’ van Martin Hendriksma op de twee Klinkhamers. Tenminste zolang ze jong zijn en van de grote boze buitenwereld geen besef hebben. Groeien de Klinkhamers op te midden van het Friese merengebied, de Barels tweeling groeit op te midden van de Drentse bossen en heidevelden.
Waar de Klinkhamers in de boeken van de Kameleon ,eeuwig’ jong blijven, groeien de hoofdpersonen in het boek over de opkomst en ondergang van een Drentse worstfabrikant op naar volwassenheid.

‘Familievlees’ is een familieroman, vlot geschreven, iets te oppervlakkig, maar dat kan ook bijna niet anders als je de periode tussen 1902 en het heden in bijna 400 pagina’s wilt beschrijven.
Martin Hendriksma heeft met ‘Familievlees’ een onderhoudend boek geschreven, dat een goed beeld geeft van het oude Drente, toen bruine bonen dagelijks op tafel stonden en de wereld niet groter was dan de contouren van de horizon.

Jan Vijver, BOLSWARD


Voor mij is een roman voor een belangrijk deel geslaagd als je voortdurend wil weten hoe het verder met de hoofdrolspelers afloopt. En dat gevoel had ik tijdens het lezen van Familievlees. Hendriksma zet geloofwaardige karakters neer. Op overtuigende wijze ontrolt zich een familiedrama waarbij hij bewijst een goed inzicht te hebben in het tijdsgewricht waarin het zich afspeelt. Zijn beschrijving van een productiebedrijf geeft blijk van gedegen research, en dat maakt dat hij van begin tot het eind weet te boeien.
Persoonlijk had ik de zo verschillende karakters van die tweelingbroers in hun onderlinge verhouding wat meer uitgediept willen zien. De nieuwsgierigheid naar die onderlinge verhouding wordt tijdens het lezen namelijk erg gewekt.
Soms gebeurt er binnen één jaar echter wel heel veel, maar dit is een detail dat niet wegpoetst dat ik het boek met buitengewoon veel plezier gelezen heb. Eindelijk ook weer eens een goede roman die op herkenbare vaderlandse bodem speelt.
Hendriksma moet het vooral niet bij dit ene boek laten.

Dick Peters, ALPHEN AAN DEN RIJN


Het eerste deel gaat over de ontwikkeling van de latere pater familias, Harmen. Zijn ontwikkeling is een worsteling om van een jongen van eenvoudige afkomst met een lichamelijk gebrek tot een zichzelf respecterend persoon te worden met een eenvoudige lieve vrouw en twee zonen (een tweeling).
De leef- en werkomstandigheden van Harmen in Drenthe worden zo in detail beschreven dat bij de lezer langzamerhand een indringend beeld van de pijnen, de triomfen, de neerslachtigheid en het grenzeloze optimisme, dat nodig is om te overleven, opdoemt; een beeld dat verder lezende de gevoelssfeer blijft bepalen.
Een kroniek over een familie, over de drie mannen die de familie en het bedrijf vormen.
De titel familievlees geeft het onlosmakelijke aan, zonder vlees geen familie (-band) en zonder familie geen vlees (-verwerkingsfabriek).
Het onlosmakelijke wordt tot in de details uitgewerkt in de beschrijvingen van de karakteristieken van de personen, hun relaties met elkaar en met het vlees-wezen.
De schrijfstijl is bondig, de woordkeuze getuigt van een bijzondere kennis van de Nederlandse taal en de verhaallijn leest zichzelf tot het eind.
Een boek wat je als lezer niet gemakkelijk weglegt en wat boeit tot het einde toe.

Beitj I. van Ek, LEENDE


Familievlees is een boek waarin het verhaal van een ondernemer beschreven wordt.
Het speelt zich af in het noorden van het land in de periode van 1902 – tot gisteren.
Het is een familiedrama uit het leven gegrepen. Het is een herkenbaar verhaal en het is moeilijk om het boek op zij te leggen. Jammer dat het een open einde had want het verhaal was voor mij nog niet afgelopen.

J.A.lemmen, ZUTPHEN