Rashid Novaire

 

 

 

 
  DE AUTEUR
 
  TITEls
 
  Interview
 
  PERS
   
 

 

 

 

De pers over Maïsroest

 

‘Hij toont dat hij in staat is om in weinig woorden veel impliciet duidelijk te maken.’
– NRC Handelsblad

‘Hij weet bewondering af te dwingen in het laveren tussen drama en melodrama.’
– de Volkskrant

 

Juryrapport Libris Literatuur Prijs 2004

In het voorjaar van 1899 krijgt Dito Keep het bericht dat zijn twee jaar oudere broer Gerben in Bohemen om het leven is gebracht. ‘Gefunden im Maisfeld’, meldt het telegram. Dito hield niet van zijn broer. ‘Maar ik hou van zijn verhaal’, schrijft hij in de epiloog van Maïsroest. ‘Ik heb gedaan wat ik kon. In de late uren op de krantenredactie, tussen de artikelen over de zedelijkheidswetten door, heb ik het leven naar de feiten toe geschreven. Zijn leven, mijn leven.’

Maïsroest
is dus een dubbelportret. Dertien jaar na de dood van Gerben schetst Dito zijn eigen jongelingsjaren, waarin hij geen journalist maar kunstschilder wilde worden. En tussen die herinneringen door reconstrueert hij de moord op zijn broer. Die reconstructie is volslagen fictief, maar dat heeft een reden: Dito’s liefdevolle verbeelding doet een poging tot verzoening. Verzoening met de broer die een hekel had aan types die zich opeens ‘Konstenaar’ noemen en zich ergens waar de zon schijnt door een andere ‘Konstenaar’ laten leren hoe weinig talent ze eigenlijk hebben. Zo’n type was Dito immers ook zelf.

Maïsroest
is het tweede boek van Rashid Novaire. Het is een ambitieuze roman over mislukte ambities. Maar waar zijn hoofdpersoon stukliep, slaagt Novaire. Zonder opsmuk en toch gedreven portretteert hij zijn personages en het decor en de tijd waarin ze leven. De historische kennis die daarvoor nodig was is volstrekt naturel verwerkt. Schijnbaar moeiteloos wisselt Novaire van decor. Van het laat-negentiende-eeuwse, landelijke Heeze (waar Dito schilderlessen volgt bij Suze Robertson) naar de zinderende maïsvelden in Bohemen (waar Gerben zich als seizoenarbeider aanbiedt) en dan weer terug naar Brabant of Amsterdam.
De ietwat weerbarstige, soms terughoudende stijl is in overeenstemming met de onaangepaste levenshouding van de jonge Dito. Maar hoe weerbarstig die stijl soms ook is, Novaire schreef een levendig boek. Vastgelopen ambities, geile verlangens en een instabiele geest bepalen het karakter van Dito Keep. Onder Novaires pen werd dat een karakter van vlees en bloed.

>> De pers